oeros

Het gekozen woord os is eigenlijk niet juist, want een os is een stier die gesneden is, dit wil zeggen van zijn teelballen ontdaan.
De oeros, ook nog os van de vlakten of primitieve os genoemd, is de voorouder van onze runderachtigen. Vroeger was de oeros zeer verspreid over Europa en leefde vooral in vlakten en woudranden. Ongeveer in 1623 is hij als laatste uit Polen verdwenen. Echter een Duitse dierkundige heeft het ras weer hersteld door kruising tussen runderachtigen uit de Camargue, Corsica, Spanje en Engeland.
Dit log en sterk rund heeft een donkere vacht met een lichte lijn op de ruggegraat. Het heeft lange horens in de vorm van een lier. Door zijn sterke gezondheid leeft hij gemakkelijk twintig jaar. Een volwassen mannetje weegt tot 900 kg. Als graseter voedt de oeros zich ook nog met boomknoppen, jonge bladeren, takken en sommige schorsen.
Er bestaat geen bepaalde periode voor de paartijd. Na een draagtijd van 284 dagen geeft de vrouwelijke oeros, het leven aan één kalf.
Rotsschildering
Op de wand van een grot bij Lascaux in Frankrijk is een oeros afgebeeld in en schildering van drie meter lengte. Dat is de oudste afbeelding van de oeros. De onbekende schilder maakte zijn portret tegen het einde van de laatste ijstijd, ongeveer tienduizend jaar geleden. De mensen in die tijd waren jagers, ze leefden van planten, vruchten, wortels en van dieren die ze vingen. Van de oeros stamt een groot deel van het rundvee af. De oerossen zwierven in kuddes door het landschap. De mens heeft van de oeros een huisdier gemaakt in de vorm van een dier wat in de nabije omgeving van zijn woonomgevingverblijf leefde. Dit om hun melkgift, het vlees en hun enorme trekkracht.
Deze runderen die ondertussen huisdieren waren geworden, ondergingen in de loop der eeuwen allerlei veranderingen. In sommige streken werden ze kleiner, waar voedsel in overvloed was ontwikkelde ze zich anders dan runderen die op schrale grond moesten leven. Tegenwoordig zijn daardoor runderrassen van allerlei soorten en kleurstellingen en zelfs met horens die van naturen helemaal geen horens hebben.

Apis
De stier Apis was gewijd aan Ptah, die in de godenwereld van Memphis de schepper was. Hij droeg de zonneschijf, symbool van de zonnegod Re, tussen zijn horens, terwijl uit zijn rug de vleugels van Horus groeide.

Runderenverering
In veel culturen, waaronder heel oude, komt de verering van de stier, de heilige koe of de (nu uitgestorven) oeros voor. Het rund is een van de eerste gebruiksdieren van de mens geweest, het heeft hem van de vroegste tijden af behalve vlees en melk allerlei bruikbare dingen verschaft zoals huiden, been, pezen en hoorn en diende hem bovendien als last-en trekdier.
De grote kracht en vruchtbaarheid van de stier en de levengevende melk van de koe waren gerede aanleiding deze dieren te verheffen tot symbolen van het goddelijke. De stier komt in de mythologie voor als het heilige dier van Indra, als Vrisjabha, de drager van de wereld, of als drager van de zon. Hij is vaak dubbelwaardig en belichaamt zowel vuur en water, de krachten van zon en maan