Zeilende Haringlogger de "Balder"

‘Balder’ Vlaardingen 92

Afmetingen: totaal lengte 23,85 meter, breedte over de spanten 6,50 meter en met een holte in de zijde van 3,10 meter.

Van oorsprong is de logger geen Nederlands scheepstype, maar van Franse origine en kwam in de achttiende eeuw in gebruik. En was daar bedoeld voor kusthandel en douanediensten.
Het type droeg als kenmerk een steile steven, een gestrekte rompvorm en een- of driemasttuig. In 1865 werd de logger ter vervanging van de Buis en de Bom in Nederland door een Scheveningse reder ingevoerd. De Buis en de Bom waren minder goed bezeilde schepen.

In het begin van de twintigste eeuw kende de zeilende Haringlogger een bloeitijd, er waren toen in Nederland ongeveer zeshonderd van deze schepen in de vaart met een bemanning van totaal circa 9000 koppen. De zeillogger ‘Balder’ Vlaardingen 92, was een van die schepen.

In opdracht door de heren J. en F. Pot, directeuren van de Vissersmaatschappij Mercurius te Vlaardingen werd de ‘Balder’ in 1912 op de werf van de firma De Jong, te Vlaardingen gebouwd.
Schipper was Gilles Penning, met daarnaast een bemanning bestaande uit een stuurmansmaat, vijf of zes matrozen, twee ‘oudsten’ twee ‘jongsten’ een reepschieter en een afhouder. De schipper en de stuurman houden hun verblijf in het achterschip, de overige leden van de bemanning hadden het voorverblijf tot hun beschikking.
Daar was ook het koolgestookte fornuis ondergebracht. In die tijd moest de bemanning woekeren met de beschikbare ruimte en de leefomstandigheden waren dan ook zeer primitief.

In de twintiger jaren maakte de Nederlandse Haringvisserij een moeilijke periode door. De vloot van zeilloggers raakte verouderd en van lieverlee verdwenen deze loggers uit de vaart. De ‘Balder’ heeft tot 1921 als zeillogger dienst gedaan en werd in 1929 verkocht aan een Scheveningse reder A. van de Zwan. Deze liet het schip verlengen en voorzien van een dieselmotor.

In de vorm van motorlogger SCH 14 en onder de naam ‘Oceaan 1’ deed het schip dienst tot aan de tweede wereldoorlog. Om hierna gevorderd te worden door de Duitse marine en werd onder andere ingezet als ‘Vorpost Sicherungsboot’ in het westelijk deel van de Oostzee.

Na afloop van de oorlog kwam het schip weer naar Nederland en werd overgedragen aan de rechtmatige eigenaar en weer in de vaart gebracht met een vernieuwde 100 pk twee cilinder industrie motor. In 1962 werd het schip opnieuw verbouwd en op 17 januari van dat zelfde jaar ging het als schoolschip onder de naam ‘Zeearend’ dienst doen voor de visserijschool van Katwijk en Den Haag.

Om uiteindelijk in 1976 over te gaan in de handen van de Vereniging Nederlandsch Historisch Scheepvaart Museum, waarna het weer teruggebracht werd in zijn oorspronkelijke staat. Alvorens dit gebeurde was er een intensief historisch onderzoek aan vooraf gegaan, daarbij stuitte men op reconstructie problemen door het ontbreken van kennis.
Er waren nog maar weinig scheepsbouwers te vinden die kennis van zaken hadden, dat niet alleen er waren niet veel vissers over die mede hun kennis konden overdragen.
Het werd voor toen de tijd een kostbare operatie, de romp moest tot de oorspronkelijke lengte worden ingekort en het schip moest ontdaan worden van schroefas, motor en stuurhuis. Benedenschip en de luiken moesten opnieuw worden betimmerd en er werd veel inspanning verricht om de originele logger- uitrustingstukken te achterhalen. Al met al een enorme klus dat velen jaren in beslag heeft genomen, om in augustus 1985 te worden afgesloten.

En zo heeft het elders liggen pronken, totdat op donderdag 13 januari in het jaar 2005, de ‘Balder’ weer in Vlaardingen arriveerde en ditmaal voorgoed. Aan de museumkade voor het visserijmuseum in Vlaardingen meerde het af.

In overleg met de eigenaar van het schip de Vereniging Nederlands Scheepvaartmuseum te Amsterdam is een langdurig bruikleen overeen gekomen, welk in de toekomst omgezet wordt naar eigendom. Dit indien men de gelden die benodigd zijn om het grootonderhoud te bekostigen en daarbij denkend aan andere bijkomende kosten, middels fondsen en het samenwerkingsverband van Stichting Stadslogger Vlaardingen / Visserijmuseum / Vlaardingen Museum kan realiseren.

Het Vlaardings erfgoed is hiermede weer in oorspronkelijke thuishaven terug gekeerd.
In samenwerking met de Stichting Stadslogger Vlaardingen, en het Visserijmuseum wordt het schip als educatief project voor basisscholen en als recreatief en toeristisch gebruik voor de stad Vlaardingen geëxploiteerd.